In: reflectie + ruimtes » Coping in de stad (interview met psychiater W. Tuinebreijer)

Wilco Tuinebreijer vertelt over zijn verbondenheid met het stedelijke leven.
Je werkt al een tijd als psychiater in Amsterdam. Wat doe je precies?
Ik werk als psychiater bij de GGD Amsterdam.
In het verlengde daarvan doe ik onderzoek naar grotestadsproblematiek. Ik adviseer bijvoorbeeld de gemeente Amsterdam over de zorg die we moeten nastreven.
Verder ben ik enorm geïnteresseerd in de relatie tussen psychiatrie, kunst en cultuur.
Dat zijn onderwerpen die jou al lang boeien. Waar komt dat door?
In mijn werk als psychiater zie ik levens van mensen uitvergroot en geïsoleerd. Ze zijn vaak bepaald door bizarre omstandigheden. Ook kunst kan details uit de menselijke conditie uitvergroten, in een andere context plaatsen en daardoor juist begrijpelijk maken.
Psychiatrie en kunst gaan beide over het onderzoeken en begrijpen van mensen. Wat voelen ze, bedenken ze en doen ze? (Als psychiater vooral op de momenten dat het misgaat.)
Waar mijn fascinaties vandaan komen? Ik had ze al als jonge puber. Ze zijn steeds sterker geworden, omdat ik er veel mee bezig ben.
We hebben het in ons gesprek over ‘coping in de stad’. Wat heb jij met dat onderwerp?

Ik zwerf graag door de stad, en kijk dan rond hoe mensen er leven. Hoe ze er gebruik van maken en ervan genieten. Tegelijk zie ik, hoe de stad voor veel mensen obstakels oplevert.
Dat laatste ken ik het beste uit Amsterdam. Als psychiater kom ik dicht bij de mensen die het nauwelijks redden. Maar ook dicht bij de bestuurders die ik adviseer over zorgverlening.
Deze ervaringen beïnvloeden me, wanneer ik nieuwe steden bezoek. Ik verken ze altijd uitgebreid. Ik hou van het onbekende leven op straat, in winkels of op markten. Natuurlijk let ik dan ook op de zwakkeren. Hoe zien ze er hier uit, zijn ze goed gevoed, wie slaapt er buiten? Hoe proberen zij de touwtjes aan elkaar te knopen?
De stad komt bij mij ook op een andere manier terug. Ik hou van het werk van een paar kunstenaars, die het als thema hebben. Twee voorbeelden:
Vervolg: De stad vanuit psychiatrisch perspectief